De Turken tekenen een wapenstilstand met de Geallieerden op Mudros, 30 oktober 1918

Uitgeput door vier jaar oorlog, gepaard gaande met terreinverlies en veel gesneuvelde soldaten, start het Ottomaanse rijk op 27 oktober 1918 onderhandelingen met de Geallieerden (de Britten) om een wapenstilstand te bekomen. De onderhandelingen vinden plaats aan boord van het slagschip HMS Agamemnon, in de haven van het Griekse eiland Mudros. Aangezien de Britten zo vlug mogelijk de strijd wilden stoppen in het Midden-Oosten, hebben zij hun eisen aanvaardbaar gemaakt voor de Turken. Dit is de reden waarom de onderhandelingen slechts 4 dagen geduurd hebben. De wapenstilstand werd op 30 oktober 1918 getekend en werd van kracht vanaf 12u00 de zelfde dag.

Dit zijn enkele voorwaarden door de Bondgenoten opgelegd : vrije doorgang verlenen door de Bosforus naar de Zwarte Zee aan de Geallieerde zeemachten; overgave van alle Turkse garnizoenen buiten Anatolië; het recht om de gewezen Ottomaanse gebieden te bezetten in geval van onlusten; onmiddellijke demobilisatie van alle Turkse strijdkrachten (luchtmacht en landmacht); bezetting door de Geallieerden van alle strategische gebieden en spoorlijnen en de terugtrekking van alle Turkse strijdkrachten uit de Kaukasus achter de oude landsgrenzen met Tsaristisch Rusland.

Een vredesverdrag kwam pas later ten nadele van de Turken, die in opstand kwamen onder leiding van generaal Kemal Atatürk.