Het tijdschrift "L'Actualité illustrée" van 28 Januari 1915 spreekt over een zekere Dr Albert C... dit in een privé hospitaal te Brussel gewonden verzorgt met nieuwe verplegingsmethodes: de gewonden versterken, de natuur laten gaan, weinig verbanden, lucht, licht, veel voedsel en ontspanning.

Duitse gewapende soldaten houden de wacht bij een trein met chemische produkten (foto uit Januari 1915). Het betreft zoutzuur, waarschijnlijk ook gebruikt voor militaire doeleinden.

In België vinden we nog stille getuigen van de Eerste Wereldoorlog. Zoals bijvoorbeeld de Dodengang in Kaaskerke, deelgemeente van Diksmuide.Deze site wordt beschemd en kort geleden helemaal gerestaureerd. Het gaat hier om een stukje loopgraven verstevigd door vaderlandertjes (zandzakken). Wegens de heersende vochtigheid aan de oever van de Ijzer, was het onmogelijk een houten verschansing te bouwen. Een wandeling in de loopgraven projecteert ons in de gruwelijke loopgravenoorlog. Aangezien de vijand kort bij was, amper een honderdtal meters aan de overkant van de Ijzer, moest men goed opletten om geen kogel door het hoofd te krijgen. Duitse snipers waren steeds op de loer. Daarom heet deze site de Dodengang. Men vindt er eveneens bunkers met schietgaten om de vijand te beschieten. We zien dat er twee paralelle loopgraven zijn die niet rechtlijnig zijn. Dit is om zoveel mogelijk mensenlevens te redden in geval van bombardementen.

Een Duitse foto toont ons hoe pas gebouwde loopgraven er uitzagen. Om loopgraven te bouwen had men een grote hoeveelheid hout nodig, want het werd voor de vloer, voor de verschansing, voor de schuilplaatsen, voor de ladders, enz. gebruikt. Men diende eveneens een groot aantal zandzakken of vaderlandertjes met zand te vullen om zoveel mogelijk de verschansing te verhogen om de soldaten te kunnen beschermen tegen vijandelijke beschietingen.

Loopgraven graven in moerassige grond of in overstromingsgebied is een zware karwei. Op het Ijzerfront gebeurde het dat niet verstevigde loopgraven onder water liepen en dus onbruikbaar waren geworden.Men moest een systeem vinden om het water zoveel mogelijk weg te krijgen: bv met een een waterpomp. Het leven in de loopgraven in drassig gebied was geen sinecure.

Na de "stabilisatie" van het front van de Noordzee tot de Zwitserse grens in November 1914, graven de soldaten van beide kampen zich in. In het begin ging het om een put waar één soldaat zich kon in schuilen of een aarden waarachter de soldaten zich verschansten om aan de vijandelijke schoten te ontkomen.

Deze vluchtelinge uit Diksmuide heeft een rustige oord gevonden, na de slag aan de Ijzer, en eet een stukje brood.