Brussel werd in augustus en september 1916 gebombardeerd

Gedurende de maanden augustus en september 1916, werd Brussel door geallieerde vliegtuigen overvlogen. Het doelwit was de Zeppelin-basis van Evere.

In de namiddag van 2 augustus 1916, vielen geallieerde bommenwerpers de basis van Evere aan, maar het doel werd niet geraakt. Een barak voor het grondpersoneel werd getroffen. De Duitsers reageerden niet snel genoeg en wegens gebrek aan coördinatie schoten ze in alle richtingen.

Op 6 augustus kwamen de geallieerde vliegtuigen terug. De hangar van Evere werd door bommen geraakt, maar tussen 2 en 6 augustus hadden de Duitsers de tijd gehad om hun Zeppelins op een veilige plek te verbergen.

In de avond van 6 september 1916, viel een Belgisch vliegtuig opnieuw de basis van Evere aan en dropte ook nog patriottische vlugschriften over Brussel. De Brusselaars kregen toen een fantastisch kleurrijk vuurwerk te zien : ontploffingen in de richting van Evere en het Duitse spervuur. Bij het lezen van de vlugschriften kregen de Brusselaars opnieuw moed om verder te leven. Volgens sommigen zou de hangar van Etterbeek vernietigd zijn en zou een meisje uit Sint-Gillis een arm verloren hebben.